Na lange en heftige discussies, tussen de eerder ‘republikeinse Vlamingen’ en de eerder ‘koningsgezinde Franstaligen’, kwam de werkgroep dotaties van de Senaat tot een akkoord over de dotaties voor de leden van het koningshuis.
Vanaf het overlijden of aftreden van de huidige koning zullen nog alleen de volgende koningen, hun troonopvolger en hun echtgenoot/echtgenote recht hebben op een dotatie. Het recht van de troonopvolger ontstaat zodra die meerderjarig wordt, als hij trouwt wordt de dotatie verhoogd.
In het verlengde daarvan hebben ook een afgetreden koning(in) en de weduwe of weduwnaar van de overleden koning of de overleden troonopvolger recht op een dotatie.
Alle andere leden van het koningshuis verliezen hun recht op een dotatie maar de commissie stelt voor hen eventueel te betalen voor bijzondere opdrachten. Bij wijze van uitzondering, als overgangsregeling, behouden Astrid en Laurent hun dotatie, op voorwaarde dat zij niet cumuleren met commerciële of andere functies.
Het akkoord van de werkgroep van de Senaat betekent niet dat de zaak nu rond is. Het is niet meer dan een voorstel. Volgende week wordt er in de plenaire vergadering van de Senaat over gediscussieerd. Uiteindelijk gaat het voor beslissing naar de federale regering, maar de kans is groot dat die het voorstel zondermeer overneemt.



